EINDWERKEN
Jaak Suetens :
Heupdysplasie bij de hond
Bespreking.
Wat zijn de gemeenschappelijke klinische bevindingen uit dit onderzoek?
- De aanwezigheid van thoracale, lumbale blockages.
Deze vonden we in alle groepen terug. De grote moeilijkheid voor het aantonen van een blokkage is dat het gevoelsmatig gebeurt. Objectiviteit en ervaring spelen hier een grote rol. Bestaat er een standaard voor het aantonen van een vertebrale blokkage?
Er werd contact genomen met de faculteit voor dierengeneeskunde te Gent. Neurologische stoornissen kunnen aangetoond worden door middel van een EMG onderzoek. Hiermee kunnen veranderingen aangetoond worden ter hoogte van de spieren. Om een degelijk onderzoek te kunnen uitvoeren dienen naaldelektroden in de betreffende spieren gestoken te worden. Het spreekt voor zich dat dit een zeer moeilijke opdracht wordt omdat het dier niet zal blijven stilstaan. Het onder narcose brengen zou een misleidende info geven over de tonus van de spieren.
Veel dierenartsen hadden moeilijkheden met het "voelen" van deze blokkages. Onderzoek naar een standaard zou een grote hulp zijn.
De vooropgestelde redeneringen blijken juist te zijn. De instabiliteit van de heup wordt veroorzaakt door een slechte sturing van de omliggende musculatuur. De oorzaak van dit probleem vinden we in de neurologische geleiding vanuit de wervelkolom.
Het geblokkeerde OAA gewricht, in een vroeg stadium heterolateraal te vinden heeft denkelijk een biomechanische oorsprong. Door de verandering van het gangpatroon en de extra bewegingen, zoals rotaties, extensie en flexie, die we vanuit de heup op de wervelkolom krijgen, ontstaan er opstijgende krachtencomponenten die deze blokkage in de hand werken.
Deze blokkage heeft een neurologische relatie met het ganglion cervicale craniale. Via de ramus interganglionaris cervicalis staat het in contact met het ganglion stellatum. Deze verbindingstak ligt nauw in contact met de n. vagus. De n. vagus, de regulator van het parasympatische zenuwstelsel.
Het ganglion cervicale craniale is via de ramus jugularis de verbindingstak tussen het ortho- en parasympatisch systeem.
Verder veroorzaakt deze blokkage een vasoconstrictie rond het portaal gebied naar de hypothalamus, wat een storing kan teweeg brengen in het hormonaal systeem.
Storingen in het PAM mechanisme en de Core-link.
Vooral de contracturen van m. psoas, en de spieren van de adductoren groep. Atrofie van de m. tensor fascia latae, en de broekspieren.
Deze veranderingen zijn te wijten aan neuro-vegetatieve stoornissen.
Overgewicht en te eenzijdige voeding zouden een invloed kunnen hebben op de skeletale ontwikkeling. Dit onderzoek is echter te beperkt en onvolledig , er werden geen gezonde honden onderzocht, om aan te tonen dat het type voeding een rol speelt bij de ontwikkeling van HD.
Besluit
Uit deze studie blijkt dat de instabiliteit van het heupgewricht de belangrijkste indicatie is voor heupdysplasie. Factoren die deze instabiliteit in de hand werken moeten we zoeken in de neurologische geleiding vanuit de wervelkolom.
Het is aanvaarbaar te geloven dat een gebrekkige voeding leidt tot ontwikkelingsstoornissen tijdens de groeiperiode van de hond.
Laat het nu een vitamine complex of een andere factor zijn die verantwoordelijk is voor een verminderde kwaliteit van het collageenweefsel, zeker is dat de sterkte van de collageenvezels rechtevenredig zijn met de laxiteit van het heupgewricht.
En wat met de honden waar het kwaad reeds is geschied?
Uit het praktijkgedeelte blijkt dat de hondenosteopaat, in goede samenwerking met de dierenarts, een positieve bijdrage kan leveren bij de behandeling van HD. Zowel preventieve als indicatieve behandelingen.
Moge deze bijdrage in de behandeling van HD een lichtpuntje zijn in de oneindige duisternis.
Terug naar lijst