EINDWERKEN
Christel Dubbeld:
Immuniteit en de mogelijke osteopathische beïnvloeding hiervan
Immuniteit is het in bepaalde mate beschermd zijn van het organisme tegen invloeden van buiten af, en tegen het eigen lichaam. De hoofdtaak van het immuunsysteem is het lichaam beschermen tegen schadelijke stoffen, micro-organismen, toxinen en kwaadaardige cellen. Het immuunsysteem heeft zich zodanig ontwikkeld dat de meeste immunologische reacties van beperkte duur zijn en worden geremd door regulerende mechanismen ter voorkoming van schade aan het organisme zelf. De weerstand die het lichaam heeft is in te delen in een aspecifieke en een specifieke weerstand. De aspecifieke weerstand wordt gevormd door fysische barrières, eiwitten en cellen en zijn nauw betrokken bij het opruimen van weefselresten, bacteriën, virusdeeltjes en ander lichaamsvreemd materiaal. Deze cellen van het aspecifieke immuunsysteem worden met name gevormd door granulocyten en macrofagen. De specifieke weerstand wordt gevormd door eiwitten en cellen. Met name de lymfocyten spelen een belangrijke rol. Lymfocyten kunnen zich leren richten op een bepaald antigeen en kunnen hier een geheugen voor opbouwen. De lymfocyten worden in twee soorten onderscheiden: de T-lymfocyten en de B-lymfocyten, die beiden hun eigen reactie op een infectie vertonen. T-lymfocyten kunnen bij een infectie actief op zoek gaan naar indr inge rs. Deze lymfocyten rijpen in de thymus en zwermen hierna uit naar lymfoïde organen. De T-cellen zijn in te delen in effector- en regulatorcellen. De effectorcellen kunnen zich door een infectie omvormen in ‘killer cellen’ en kunnen zo lichaamsvreemde organismen vernietigen door celcontact. Naast killer cells bestaa t de T-effectorcellen groep ook uit T-geheugencellen, die verspreid in het lichaam aanwezig zijn. Deze cellen bevatten op hun membraan info rmatie die betrekking heeft op één organisme. Deze geheugencellen spelen een belangrijke rol bij de secundaire immuunrespons. De regulatorcellen regelen de intensiteit van de immuunrespons in de vorm van T-helpercellen en T-supressorcellen.
B-lymfocyten worden geactiveerd door T-helpercellen. De B-lymfocyten vormen zich - tijdens een primaire immuunrespons op bacteriën en virussen - om in plasmacellen die na een paar dagen een verhoogde eiwitsynthese vertonen. De plasmacellen maken grote eiwitketens, immunoglobulinen (Ig). Deze eiwitten kunnen zich specifiek binden aan membranen en virussen, waardoor macrofagen kunnen worden getraceerd en vernietigd. Na de eerste infectie vormen de plasmacellen zich – na productie van Ig, om tot geheugen-B-cellen. De reactiviteit van de B-cellen tegen lichaamseigen moleculen wordt afgezwakt door T-supressorcellen die aanvallen tegen de eigen weefsels verhinderen. Dit voorkomt ontspor inge n waarbij lichaamseigen weefsel wordt aangetast.
De oorsprong van de cellen van het immuunsysteem is gelegen in het rode beenmerg. De belangrijkste organen van het immuunsysteem zijn de thymus, de milt, de darmen en het lymfatisch systeem. Ook spelen de bijnieren een belangrijke rol. De thymus is het centrale orgaan voor de differentiatie en functionele rijping van T-lymfocyten. De milt speelt een belangrijke rol bij immuun-biologische processen. De witte pulpa van de milt bestaat uit T- en B-lymfocyten. De darmen zijn ook belangrijk, mede door de grote aanwezigheid van lymfecapillairen. Daarnaast liggen in het ileum de platen van Peyer. Deze platen van Peyer verrichten dezelfde taken als een lymfeknoop. Ze bevatten veel B- en T-cellen en kiemcentra. Ook de darmflora is erg belangrijk voor de afweer. Tot slot heeft een lymfatisch systeem een zeer belangrijke functie met betrekking tot immuniteit. De lymfeknopen werken als zuiveringsinstallaties. In de lymfeklier zijn macrofagen aanwezig die bacteriën fagocyteren. Daarnaast zit een lymfeklier vol met B- en T-lymfocyten. De lymfestroom speelt een cruciale rol voor het onderhouden van de vochtbalans in het lichaam de zuivering, verzorging en verdediging van weefsels. Voor de intrede in de lymfecapillairen ontdoet de lymfe de extracellulaire gebieden van toxische stoffen, exudaat en bacteriën. De cellen van het lymfatisch systeem circuleren voortdurend en bereiken vrijwel alle delen van het lichaam. Als reactie op bepaalde chemotactische factoren migreren lymfocyten naar het onderliggende weefsel. De lymfatische cellen komen weer in de bloedbaan via afferente lymfevaten die eindigen in de ductus thoracicus.
De beïnvloeding van het immuunsysteem middels osteopathie is humaan onderzocht. Hieruit is met name de ‘miltpomp’ en de ‘lymfepomp’ effectief gebleken. Theoretisch gezien zou osteopathie een goede invloed kunnen hebben op het imuunsysteem. Net name de balans van het autonome zenuwstelsel speelt een cruciale rol. Ook spelen de hypothalamus, de hypofyse en de bijnieren een centrale rol. Ten eerste hebben de hormonen die door de hypofyse en de bijnier afgegeven worden, een invloed op het immuunsysteem. Een goede regulatie van de hypothalamus-hypofyse-bijnieras is dan ook noodzakelijk voor een goed functionerend immuunsysteen. Ten tweede is met name de autonome, sympatische innervatie van de lymfoïde organen, zoals de thymus, het beenmerg, de milt, de lymfeklieren en de plaatjes van Peyer, belangrijk. Middels craniosacrale technieken, behandeling van het hyoid en technieken op het OAA kan op deze factoren inge werkt worden. Daarnaast is het van belang dat de lymfoïde organen goed bezenuwd worden vanuit de wervelkolom.
Ook in deze situatie is de totaliteit van het lichaam, de balans in het lichaam, het belangrijkst. ‘Treat what you find’ is immers een van belangrijkste punten in de osteopathie.
Tot slot is het goed o m kritisch naar het vaccinatiebeleid te kijken. Regulier wordt er vanuit gegaan dat vaccins toegediend moeten worden om bepaalde ziekten te voorkomen. Diverse onderzoeken tonen echter negatieve effecten van vaccineren aan. Naast acute reacties op het vaccin, zoals het post-vaccinaal syndroom, zijn er ook negatieve effecten op de lange termijn aan te tonen. Vaccineren zou namelijk een van de oorzaken van auto-immuunziekten kunnen zijn. Vanuit de osteopathie wordt dan ook terughoudend gereageerd op vaccinaties. Het lichaam bezit zelfregulerende mechanismen en vertoont de natuurlijke eigenschap zich in een zo goed mogelijk evenwicht te houden. Is het lichaam in balans, is er een goede beweging, dan heeft ziekte geen kans.
Terug naar lijst